Effect mestfraude op melkveehouderij (update 14 nov.)

In de aanloop naar een nieuwe derogatie lijkt het algemeen goed dat vanuit verschillende hoeken ‘oud nieuws’ over mestfraude nieuw leven ingeblazen wordt. Vier jaar geleden was er ten tijde van de onderhandelingen over de huidige derogatie ook al sprake van een opleving van de aandacht voor mestfraude. Nu komt het NRC recent met een uitgebreid stuk waarin zij stellen dat 61% van de mestbedrijven er frauduleuze praktijken op na houdt en dat de NVWA dit in een rapport van 2015 onderschrijft. Navraag bij de NVWA leert dat juist 61% van de bedrijven zich aan alle regels houdt en dat onder de 39% van de bedrijven die onregelmatigheden vertonen gevarieerde vergrijpen geconstateerd worden. Van een administratieve fout ‘vinkje verkeerd zetten’ tot echt frauduleuze handelingen. Nu onze minister het NVWA-rapport openbaar gemaakt heeft blijkt dat na correctie voor dergelijke fout en het nalevingspercentage 75% is, aldus het rapport van de NVWA (2015). Hoewel er nog steeds een uitdaging blijft voor de sector deze misstanden aan te pakken zijn dit wel andere cijfers als NRC ons wil doen voorkomen. NMV betreurt het dat verschillende zaken nu zo nauwgezet met elkaar in verband gebracht worden, terwijl zij in feite maar heel summier raakvlakken hebben. Hiermee zorgt een relatief klein deel van de gehele agrarische sector er voor dat de hele sector imagoschade lijdt.

Na de berichten in de media over de omvang van mestfraude, beraamde Carola Schouten, onze nieuwe minister, een spoedoverleg met POV (Producenten Organisatie Varkenshouderij), ZLTO, LTO en Cumela. Tijdens dit gesprek heeft zij de opdracht geven om dit probleem binnen de sector op te lossen. Voorstellen voor te nemen maatregelen zullen op korte termijn gedaan worden. Ondanks een dringend verzoek vanuit NMV om in dit overleg betrokken te worden was het ministerie er duidelijk over dat de melkveehouderij hierin vooralsnog niet hoeft deel te nemen. Dit illustreert dat het probleem niet bij de melkveehouderij zit. Toch wordt er nu al gesproken over een mogelijk gevaar voor de derogatieonderhandelingen, wat juist de melkveebedrijven aangaat.

Derogatie wordt op dit moment alleen verleend aan bedrijven die uitsluitend graasdierenmest op hun land aanwenden. Bovendien voldoen alle derogatiebedrijven aan de nitraatnorm in het water in het kader van de nitraatrichtlijn. De melkveehouderij is een grondgebonden sector. Veel melkveehouders kunnen de mest geheel of grotendeels op eigen grond plaatsen, dit zorgt ervoor dat de druk op fraude niet groot is omdat het mestoverschot relatief laag is. Fraude binnen de melkveesector zou per direct kunnen leiden tot verlies van derogatie, toeslagrechten en hoge boetes, allerlei zaken waardoor sjoemelen met cijfers voor derogatiebedrijven niet bijster aantrekkelijk is. NMV is voorstander van het bij de wortel aanpakken van problemen.

Bedrijfsspecifieke derogatie
Daarom is NMV sinds jaar en dag pleitbezorger van een bedrijfsspecifieke derogatie. We hebben ons er de laatste tijd hard voor gemaakt om dit opgenomen te krijgen in het 6e actieprogramma nitraat. Met een bedrijfsspecifieke derogatie kunnen we per bedrijf monitoren wat de prestaties zijn inzake waterkwaliteit en kan direct worden aangetoond hoe de individuele derogatiebedrijven presteren. Bovendien kan zo nader onderzocht worden wat de feitelijke bronnen van watervervuiling in water zijn. Het draagt bij tot beleid op maat en heeft bovendien een direct verband met de beoogde doelstelling. Dit betekent dat de bedrijven die goed presteren een verruiming van de bemestingsruimte kan worden geboden, zodat er niet structureel meer nutriënten uit de bodem wordt onttrokken dan in de huidige derogatie via mest op het land gebracht mag worden, de zogenaamde ‘onderbemesting’. Onderbemesting heeft vele negatieve effecten op onder andere diergezondheid. Op bedrijven waar de resultaten onder de maat zijn kan men zich gaan richten op onderzoek naar de oorzaak van de tegenvallende prestaties en eventuele problemen gericht aanpakken.

NRC heeft online op 14 november 2017 een summiere rectificatie gepubliceerd.

Correctie (14 november 2017): in de oorspronkelijke tekst van deze verantwoording stond dat de uitkomst van een nalevingrapportage van de NVWA onder intermediairs in 2015 was: “dat 61 procent de regels overtreedt”. Dat is gewijzigd in: “dat 39 procent de regels overtreedt.”